Dag Meneer Koeman. Dag.

De wind waait hard, de grijze lucht voorspelt weinig goeds. Natuurlijk staat de Korrewegbrug open. Zoals altijd wanneer ik haast heb. Er moeten twee schepen door. Ik heb geen zin om de loopbrug over te rennen, dus ik laat ze voorbij gaan. Ik fiets wel een beetje harder, met de wind in mijn gezicht. Beelden flitsen door mijn gedachten. Die van een warme hand als begroeting, een gehaktbal op vrijdagmiddag omdat dat nou een keer traditie is, ogen die gaan glinsteren wanneer er naar anekdotes wordt gevraagd.

De boten glijden langzaam verder door het kanaal. De Gerritkrolbrug kan weer dicht. Ik stap op mijn fiets. Mijn jas valt open. Ik ril. Het is te koud om een jas zonder knopen aan te hebben. Elke keer weer bedenk ik me dat ik er knopen aan moet naaien, maar ook vandaag weet ik dat hij zo weer op de kapstok belandt. Tot de volgende keer dat ik een nette zwarte jas aan moet. En dan zal ik hem, net als nu, dicht knopen met een lint. Want de knopen zullen wederom vergeten zijn.

In het centrum sluiten mijn moeder en mijn oom zich bij mij aan. We fietsen gedrieën richting het stadion. Van alle kanten komen mensen aangelopen. Sommigen keurig in het zwart, anderen met een groen-witte sjaal om de nek. Voor de deur ontmoeten we oud-collega’s en bekenden. Mijn tante komt ook aangelopen en samen schuifelen we de draaideur door.

Direct bij de entree staat zijn portret. Bloemenkransen van clubs uit het hele land omlijsten het geheel. Ongeregisseerd weet iedere bezoeker de weg te vinden. We staan even stil bij het portret. Zo kennen we hem. Met een bescheiden glimlach om zijn lippen, maar met trots in zijn ogen. De foto is gemaakt op het veld. Ik gok tijdens de onthulling van de tribune die zijn naam kreeg. De stilte van vandaag staat in schril contrast met de indrukwekkende golf van applaus die 24 uur geleden door het stadion klonk.

Het is nog rustig. We kunnen doorlopen naar de kist, die opgesteld staat onder een doek dat al een aantal jaren geleden ter ere van hem is opgehangen. Mijn blik dwaalt nog een keer af naar de foto. En langs de bloemen. En langs de mensen, die zich voor en achter me opstellen. Even staat de tijd stil. “Kom, we maken plaats voor anderen.” Wenkt mijn moeder me. We schudden handen, delen zoenen uit, en verlaten het stadion via de Koemantribune.

Ik kijk naar de lucht. Laat me, van Ramses Shaffy, speelt in mijn hoofd. Dag Meneer Koeman. Dag.

4 gedachtes over “Dag Meneer Koeman. Dag.

  1. Lieve Kimm. Je oom verwoorde het ook zo, de herinneringen en de gedachten. Begreep dat hij nog met Erwin had gesproken. Herinneringen van vroeger en uit de oude buurt. Ieder zal dit icoon missen. Liefs Je tante.

Reacties zijn gesloten.